Geschiedenis Pistoia

Zeg het voort
Share

Pistoia is rond de 2e eeuw voor Chr. door de Romeinen gebouwd.  Na enige barbaarse invallen kwam de streek in de 6e eeuw handen van de Lombarden. Vanaf de 11e eeuw werd de stad welvarender, maar raakte ook steeds meer in competitie met het naburige Florence. Deze strijd werd uiteindelijk verloren en pas onder het Huis van Lotharingen kwam er weer een positieve kenering.

Geschiedenis Pistoia

Romeinen

Het begin van wat later Pistoia zou worden is gebouwd op een soort van aangeslibd terras langs de kreek de Ombrone.

De eerste Romeinse nederzetting werd in de 2e eeuw voor Chr. gebouwd om de de troepen die in de oorlogen tegen de Liguriërs vochten. De naam van de stad is dan ook afgeleid van pistores, degenen die het brood voor de troepen bakten.

Voorheen was de streek waarschijnlijk bevolkt door de Etrusken.

Nadat de Via Cassia aangelegd was, werd de streek belangrijker en het Romeinse verkavelingssysteem dat centratio genoemd werd en waarbij de grond verdeeld werd in vierkante vlakken van ongeveer 75 bij 75 meter ging van start.

In 406 werd de stad verwoest, al weet men niet zeker of dit door een brand gebeurde of door een inval van de Barbaarse Ostrogoten.

Gelijktijdig met de opkomst van het Christendom werd Pistoia weer opgebouwd en tegen het einde van de 5e eeuw zetelde er een bisschop.

Lombarden

Tegen het einde van de 6e eeuw werd Pistoia door de Lombarden veroverd en werd een belangrijke pion in de strijd tegen de Byzantijnen. In de volgende eeuw werd dan ook een muur rond de stad gebouwd. De stad kwam onde rhet gezag van een Lombardische gastaldo, werd een bisschopszetel en een eigen munt, die tremisse heette. Zowel de landbouwmethodes als de rechtspraak bleven nog lang getuigen van de Lombardische invloed.

In de 11e eeuw namen de Franken de stad over. De keizerlijke macht verzwakte en de leenheren kregen de opperhand. Het centrale bestuur van de stad werd vervangen door dat van machtige families, vooral de graafschappen Guidi en Cadolingi.

Florentijnen

In 1105 begon de stad autonoom te worden en in 1117 werd Pistoia een vrije gemeente met een eigen Statuut.

In de 12e eeuw werd nieuwe stadsmuren opgetrokken. Er waren interne strubbelingen tussen de adelstand en de burgers. De eersten wilden een stadsbestuur onder de Podestà, de anderen wilden de consuls aan de macht.

Florence werd ondertussen steeds machtiger. De strijd tussen de Welfen en de Ghibellijnen (pauselijke aanhangers tegen volgers van de keizer) had een weerslag binnen Pistoia. In de 13e eeuw dolf de stad het onderspit tegen de machtigere Florentijnen. In het begin van de 14e eeuw onderging de stad een beleg dat 11 maanden duurde. De stadsmuren weerstonden de aanvallen, maar niet de honger.

Men bleef proberen onder de Florentijnse heerschappij uit te komen, wat echter nooit geheel lukte. Een korte periode van autonomie kwam opnieuw tot een einde vanwege interne strijd tussen de machtige families van de stad.

In 1348 werd de stad getroffen door een grote pestepidemie.

In 1401 werd het Palazzo Comunale door de Florentijnse troepen bezet. Vanaf dat moment was Pistoia geheel ondergeschikt aan de sterkere buurman.

17e Eeuw tot Italiaanse Eénwording

In 1630 was er een nieuwe pestepidemi.

In 1643 vielen de troepen van Paus Urbanus VIII het Groothertogdom Toscane aan, maar werden door de Pistoiesen verslagen.

In 1667 werd de uit Pistoia afkomstige kardinaal Giulio Rospigliosi tot Paus Clemens IX uitgeroepen.

Nadat het Huis van Lotharingen onder de verlichte Pietro Leopoldo de macht in Toscane overgenomen had, begon Pistoia weer enigszins op te krabbelen.

Naeen korte periode onder de Fransen, namen de Habsburgers uit Lotharingen d emacht opnieu in handen. Vanaf 1848 werd Pistoia door Leopoldo II benoemd tot hoofdstad van wat nu een provincie zou zijn.

Dit duurde echter slechts tot 1851. Als straf wegens enig verzet tegen de Oostenrijkers werd de stad van Prefectuur tot Onderprefectuur gedegradeerd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *