Catacomben Rome

Zeg het voort
Share

De Catacomben zijn ondergrondse begraafplaatsen, die vooral door de Christelijke (maar ook door de Joodse) gemeenschappen van Rome gebruikt werden.

Weetjes Catacomben Rome

Geschiedenis Catacomben

San Calixtus - Catacomben Rome

Fresco in de San Calixtus Catacomben

De eerste Christelijke catacomben in Rome werden in de 2e eeuw gebouwd. Christenen kwamen in deze ondergrondse begraafplaatsen samen om er de martelaars, maar ook hun eigen gestorven familieleden, te herdenken. De Catacomben zouden tot de 5e eeuw gebruikt worden.

Het bekende verhaal dat de Catacomben door de Christenen gebruikt werden om zich tijdens de vervolgingen te verschuilen berust niet op waarheid.

Toen aan de vervolgingen een eind kwam werden de Catacomben heiligdommem, waar pelgrims vanuit het hele Romeinse rijk samenkwamen.

De reden dat de Catacomben langs de herenwegen buiten de stadsmuren lagen is dat het verboden was mensen binnen die muren te begraven.

De reden voor de ondergrondse catacomben was eenvoudigweg dat er boven de grond geen plaats meer was. Aangezien men begraven verkoos boven crematie waren de bovengrondse kerkhoven al snel vol en d.m.v. de catacomben werd veel extra ruimte gecreërd, waar men ook nog eens ongestoord de mis kon vieren en de religieuze symbolen kon tonen.

Bovendien hoorden de Christenen niet tot de rijkere Romeinen en het was een stuk goedkoper dieper te graven in land dat men al bezat dan er stukken grond bij te kopen.

De eerste Romeinse Christenen hadden nog geen speciale begraafplaatsen en werden, tenzij ze zelf land bezaten, in gewone “heidense” kerkhoven begraven. Dit lot was o.a. Sint Pieter zelf, die in de necropolis op de Vaticaanse heuvel begraven werd, en Sint Paulus (een vergelijkbare plek langs de Via Ostiense) beschoren.

De eerste catacomben waren over het algemeen familietombes van meer welstaande Christenen en werden in het begin van de 2e eeuw gebouwd. Vaak werden hier ook niet-Christelijke familieleden begraven.

Sommige van deze catacomben werden snel groter dankzij donaties, de aanschaf van nieuwe terreinen en initiatieven van de kerk zelf. De organisatie zowel als de administratie van de Catacomben van Sint Calixtus was bijv. in handen van de kerk. De uitbreiding was noodzakelijk omdat veel Christenen in de buurt van martelaars begraven wilden worden.

Hoewel het Edict van Milaan in het jaar 313 een einde maakte aan de religieuze vervolgingen, bleef men de catacomben tot het begin van de 5e eeuw gebruiken. Hierna werden gewone mensen in normale kerkhoven begraven en martelaars in basilieken.

Toen de Goten en de Lombarden Rome aanvielen werden vele monumenten vernietigd en de catacomben geplunderd. Veel martelaars die oorspronkelijk in de catacomben bijgezet waren werden vervolgens naar de Romeinse basilieken overgebracht.

Catacomben Rome

Door Giovanni Battista de Rossi in 1864 in kaart gebrachte Romeinse Catacomben

Als gevolg hiervan raakten de catacomben zelf in verval. De ingangen raakten bedekt en tegen het einde van de middeleeuwen waren de meeste compleet in de vergetelheid geraakt. Uitzonderingen waren de Catacomben van Sint Sebastiaan, de Catacomben van Sint Laurens en de Catacomben van Sint Pancratius.

Het was aan twee personen te danken dat men de Catacomben uiteindelijk weer terugvond. De eerste was Antonio Bosio (1575-1629), die de bijnaam “Columbus van het Ondergrondse Rome” zou verwerven, en Giovanni Battista de Rossi (1822-1894).

Beschrijving Catacomben Rome

Het ingewikkelde gangenstelsel van ondergrondse tunnels dat de Catacomben vormt kan zich soms over een aantal kilometers uitstrekken. De begraafplaatsen zelf zijn in de muren van deze tunnel uitgehakte nissen.

Deze worden loculi genoemd en bevatten soms de stoffelijke resten van meerdan één persoon. In het begin werden de lijken enkel in een gewaad gewikkeld en er was geen doodskist. De loculi werden soms met een marmeren plaat, maar meestal met simpel tegels afgesloten. Soms waren er inscripties met de naam van de overledene. Olielampen en geprofumeerde vazen werden naast de tombes geplaatst.

De tombes waren in rijen boven elkaar geplaatst.

Tombes

 

Behalve de loculi waren er ook andere soorten tombes:

De arcosolium was een brede nis, waarboven zich een boog bevond. De tombe werd aan de bovenkant afgesloten en er werden hele families in begraven. De arcosolium was vooral in de 3e en 4e eeuw erg populair.

De sarcofaghus was een stenen of marmeren doodskist, die met inscripties en reliëfs versierd was.

De forma was een in de vloer van een cubiculum, gang of crypte ingegraven tombe, die zich meestal bij de tombe van een martelaar in de buurt bevond.

Een cubiculum was een kleine ruimte die gebruikt werd als familietombe en was vaak met fresco’s versierd.

Een crypte was groter dan een cubiculum en deed dienst als een ondergrondse kerk. Er waren martelaars in begraven en de ze werden opgeluisterd door schilderingen en mozaïeken.

Enige feitjes

De catacomben werden uitgegraven door zogeheten fossores. De aarde werd verwijderd door een gat in het plafond dat lucemaria genoemd werd. Wanneer men klaar was met het graven van de gang werden deze gaten niet afgesloten, maar als ventilatie gebruikt.

De eerste catamben die zo genoemd werden waren de Catacomben van Sint Sebastiaan, die zich dichtbij de Via Appia Antica bevinden. De oorspronkelijke betekenis van het Griekse woord is “dichtbij de holte” en deze catacomben bevonden zich in de buurt van in de tufsteen uitgegraven grotten.

Vanaf de 9e eeuw werden alle ondergrondse begraafplaatsen catacomben genoemd.

De Christenen hadden de catacomben niet zelf uitgevonden, maar een al bestaande techniek gekopiëerd.

Symbolen

Vooral gedurende de vervolgingen in de tijd dat Nero Keizer was, konden de Christenen hun geloof niet openlijk belijden. Ze maakten dan ook gebruik van symbolen, die vaak op de marmeren deksels van de tombes en op de muren van de catacomben zelf te zien zijn. De belangrijkste symbolen waren de Goede Herder, de vis en het monogram van Christus.

De Goede Herder en zijn lam symbolizeren Christus en de door hem geredde ziel.

De zogeheten orante is een biddende figuur met de armen wijd open en personifieert de in goddelijke vrede levende ziel. Ditzelfde begrip wordt ook door de duif met de olijftak uitgebeeld.

De in elkaar verstrengelde Griekse letters X (chi) en P (rho) op een grafsteen duidden aan dat er een Christen begraven was.

IXTHYS is een acrostichon van “Jezus Christus, Zoon van God, Verlosser”.

Alpha en Omega, de eerste en laatste letters van het Griekse alfabet, beduiden dat Christus het begin en het einde van alles is.

Het anker gaf de aankomst van de ziel bij de deur van de eeuwigheid aan.

De feniks is een mythologische vogel die na duizend jaar uit zijn as herrees en is het symbool van de wederopstanding.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *